Terug

Nieuws

Rietbeheer: een kwestie van samenwerken

  • 05 oktober 2022
  • Flora en fauna
  • Leestijd 4 minuten

Rietlanden komen in Europa niet veel voor. Staatsbosbeheer wil vooral om ecologische redenen dit landschapssoort behouden. Daarvoor is vakkundig rietbeheer noodzakelijk. Hierin trekken we samen op met onder meer vrijwilligers en pachters.

Rietlanden maaien is vaak intensief handwerk.

Mooie mix

Vroeger werd het riet op veel plaatsen geteeld voor de oogst en de opbrengst. Tegenwoordig is het een restproduct. De focus is verschoven naar natuurbeheer. Rietlanden hebben nu vooral waarde voor de aanwezige flora en fauna. Door het riet regelmatig te maaien, verruigt het land niet en voorkom je ongewenste boomgroei. Rietpercelen in de Lauwersmeer worden eens in de zoveel jaar gemaaid. Zo ontstaat een mooie mix tussen jong en oud riet. Een goede balans is van belang voor de Natura-2000-doelsoorten. Zo nestelt de rietzanger graag in jonger riet, terwijl de roerdomp en de snor de voorkeur geven aan overjarig riet.

Complex

Rietbeheer is intensief werk, vaak op moeilijk bereikbare plekken. In de Noord-Hollandse veenweiden bijvoorbeeld is twee derde van het gebied vaarland. Deze rietlanden zijn bovendien niet altijd begaanbaar met zware machines. Dit maakt het maaien en vooral het afvoeren van het riet heel complex. Staatsbosbeheer werkt daarom samen met aannemers, vrijwilligers, pachters en met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, via Binnenwerk. De maaiwerkzaamheden zelf worden gedaan door professionals, maar vrijwilligers helpen vaak bij het bij elkaar harken en afvoeren van het riet.
Door riet te maaien, krijgt de bodem meer licht. Dat geeft andere plantensoorten meer kans.

Verschil in kwaliteit

Wat er na de oogst met het riet gebeurt, is afhankelijk van de kwaliteit ervan. In de Overijsselse Weerribben is de bodem voedselarm, waardoor het riet niet zo snel groeit. Dit dunne, veerkrachtige riet is heel geschikt om daken mee te bedekken. In de Noord-Hollandse veenweiden is het riet brozer, vanwege brakinvloeden. Dit riet wordt gecomposteerd of er worden schermen van gemaakt om de kustduinen te versterken en inwaaiend zand van het strand vast te houden. Hierdoor groeien de duinen mee met de stijgende zeespiegel. Ook het riet uit Lauwersmeer is niet van hoge kwaliteit. Sinds kort is voor dit riet een nieuwe bestemming gevonden: boeren fermenteren het riet en gebruiken het als bodemverbeteraar.

We markeren de plekken waar overjarig riet moet blijven staan
Boswachter Egbert Beens

Egbert Beens is boswachter bij Staatsbosbeheer in De Weerribben. “Voor het rietbeheer werken wij samen met de pachters in het gebied. Zij bundelen het gemaaide riet en leggen het op de hoger gelegen ribben. Vanaf daar kunnen we het riet met platbodems afvoeren. Op bepaalde plekken willen we het overjarig riet laten staan voor de moerasvogels en de grote vuurvlinders. Die plekken markeren wij, zodat alle betrokkenen weten dat we daar niet maaien. Kenmerkend voor De Weerribben zijn de molens die je overal ziet. Die gebruiken we om de rietvelden te bevloeien met water. Na het maaien, in het vroege voorjaar, beschermen we zo het jonge riet tegen nachtvorst.”

Met het riet verbeter ik de bodem van mijn akkers
Akkerbouwer Anselm Claassen

Anselm Claassen, akkerbouwer in Vierhuizen: “Ik gebruik het riet uit Lauwersmeer om de bodem van mijn akkers te verbeteren. Staatsbosbeheer levert het riet gehakseld bij me aan. Via de bokashi-methode laat ik het fermenteren. Bokashi lijkt op composteren, maar je voegt mineralen, kalk en mest toe om de vertering op gang te brengen. Dit proces neemt ongeveer een half jaar in beslag, want riet is natuurlijk behoorlijk hard en stug. Na de zomer rijd ik het uit over de akkers. Dit is het tweede jaar dat ik dit doe, dus het is nog niet precies te zeggen wat het effect is. Maar het is mooi dat een restproduct waar eigenlijk geen bestemming voor was, nu toch op een duurzame manier gebruikt wordt.”

Het is intensief werk dat je jaarlijks moet herhalen. Maar we zien het effect
Vrijwilliger Dirk Jan Booij

Dirk Jan Booij, vrijwilliger in Polder Westzaan (bij vrijwilligersgroep Trilwacht) en Eilandspolder: “Ik vind beheer en bescherming van de veenmosrietlanden van groot belang. Er komen ontzettend veel rode lijstsoorten voor, zoals de roerdomp, de noordse woelmuis en de ronde zonnedauw. Met een enthousiaste groep vrijwilligers verwijderen we ongewenste groei van bomen en struiken. Vooral de invasieve exoot zwarte appelbes zorgt met zijn lange wortelstelsel voor bodemverdichting. Die willen we graag vóór de besvorming geheel weghalen, zodat de vogels de bessen niet verspreiden. Na het maaien zorgen we dat het maaisel zo snel mogelijk langs de kant of op hopen wordt gezet. Daar moet je niet te lang mee wachten, want anders verrijkt de bodem. In de Eilandspolder wordt een dag per maand vooral riet geruimd. Het is intensief werk dat je jaarlijks moet herhalen. Maar we zien dat het effect heeft: de welriekende nachtorchis komt bijvoorbeeld steeds meer voor. Dat komt echt doordat we de bodem schraal houden.”

De boottochten tussen de eilanden maken het vrijwilligerswerk in de Polder Westzaan en Eilandspolder extra mooi.
Meer over dit onderwerp